Nieuwsbrief oktober 2026

De nieuwsbrief van oktober 2026 is verzonden. Hierin vind je onder andere:

Lees de volledige nieuwsbrief gemakkelijk online.

Elke maand de nieuwsbrief in je mailbox? Meld je aan door op de homepage van onze website het formulier in te vullen.

Hoe zout is het water op jouw bedrijf? Meet mee! 

Tijdens verschillende bijeenkomsten, waaronder een bijeenkomst op 27 oktober van KAVB en LTO met Rijnland, Deltares en de Provincie, werd duidelijk: er is meer kennis nodig over verzilting en de gevolgen voor de teelt.

De Greenport pakt dit op samen met de genoemde partijen, Salta, de Alliantie Bollenstreek en de gemeenten. We zoeken kwekers die willen meedoen aan het meten van zoutgehaltes in slootwater en verschillende bodemlagen. Heb je zelf al metingen gedaan? Dan horen we ook graag van je.

Tegelijk onderzoeken Rijnland en de Provincie de bodemgesteldheid. We brengen de meet- en onderzoeksresultaten bij elkaar en bespreken deze met de deelnemers. Zo krijgen we beter zicht op lokale ontwikkelingen en teeltrisico’s en kunnen we onderzoeken welke maatregelen waar en wanneer passen.

Er wordt veel gepraat over verzilting. Nu gaan we samen aan de slag: feiten verzamelen. Doe je mee?

Neem contact op met Bas Bruning, praktijkcoach Salta voor de Duin- en Bollenstreek, via bas@salta-cluster.com. De pilot is onderdeel van het project Zoetwaterstrategie, dat samen met partners in de sierteeltregio, wordt uitgevoerd in het kader van de Regiodeal Sierteelt.

Janine-Bijlsma-Harry-Stamps-Human-Capital-Greenport-Duin-en-Bollenstreek

Doe mee aan de pilotprogramma’s Ondernemerschap en Leiderschap 

Als ondernemer…

Jouw organisatie ontwikkelt zich, continu. En deze beweegt met de veranderende arbeidsmarkt mee. Als ondernemer sta je voor (nieuwe) keuzes. In dit pilotprogramma werk je met een vast groep van ongeveer tien ondernemers aan concrete vragen uit je eigen bedrijf. Praktisch, open en gericht op wat nu én straks nodig is.

Bekijk hier de flyer.

Als bedrijfsleider…

Als bedrijfsleider stuur je mensen aan, bewaak je de voortgang en ben je vaak de schakel tussen directie en team. In dit pilotprogramma werk je met een vaste groep van circa 10-12 bedrijfsleiders aan herkenbare situaties uit het dagelijks werk. Je oefent, wisselt uit en vertaalt inzichten naar je eigen team.

Bekijk hier de flyer.

Doe mee!

Deze pilotprogramma’s zijn voor ondernemers uit de Greenports Duin- en Bollenstreek en Boskoop.
Aanmelden kan via Eva van der Kwast (eva@greenpordb.nl) of Harry Stamps (via h.stamps@greenportboskoop.nl).

Human Capital Aganda

Kijk voor verdere verdieping op het thema Human Capital eens op de speciaal ingerichte webpagina: https://www.greenportdb.nl/human-capital-agenda-sierteeltregio/.

‘Ontdekken wat we kunnen leren van biologische bollenteelt’

Vervolgens kwam Visser in contact met Wolf Mooij, de huidige projectleider van het proefveld. Visser: “Voor mij is het lastig om naast mijn andere werkzaamheden, voldoende aandacht te geven aan het biologisch proefveld. Wolf had wel tijd, maar geen verstand van bollen telen. Wat dat betreft kan hij altijd een beroep doen op mij en de andere vier telers die bij het project betrokken zijn.”

Biologische plantversterkers

Visser was benieuwd naar de mogelijkheden van biologische bollenteelt. Niet om daarna op grote schaal biologische bloembollen te telen, wel om te leren of er manieren zijn om de gangbare teelt de verduurzamen. Sommige dingen gaan goed. Maar wat het ene jaar goed gaat, kan het andere jaar voor problemen zorgen. Zo werden in het eerste jaar biologische plantversterkers ingezet om zuur te bestrijden. “Dat werkte best goed, zonder dat we hoefden te schuimen of dopen. Dit jaar werkte dat weer minder.”

Onkruid grootste uitdaging

Het komende jaar wordt gewerkt aan drie doelen. Onkruid mechanisch onder de knie krijgen. De beste mix van plantversterkers bepalen om vuur onder controle te krijgen en onderzoeken of een UV lamp schimmels zoals botrytis kan bestrijden.
Onkruid is de grootste uitdaging in de biologische teelt. Handmatig wieden kost te veel tijd. “Ploegen is slecht voor het bodemleven. Het eerste jaar hadden we voor de start geploegd en vervolgens een laag houtvezel aangebracht. Dat werkte goed. Het tweede jaar niet ploegen, leverde alweer meer onkruid. We gaan nu aan de slag met wiedeg`, zegt Visser.” Het perceel is voorzien van vaste rijpaden, dat heeft een gunstige invloed op het bodemleven.

Kennisplatform Duurzame Bollenstreek

Economische haalbaarheid is belangrijk in het project. “De teelt zelf wordt niet gesubsidieerd. Bij de inzet van middelen kijken we of het rendabel is. Biologisch telen is geen doel op zich”, zegt Visser. Het doel is om er met elkaar van te leren een schonere en natuurinclusievere teelt te ontwikkelen. Dat is de reden dat het Ecologisch Proefveld ondersteund wordt vanuit het project Kennisplatform Duurzame Bollenteelt. Het kennisplatform ontvangt steun vanuit de Europese EIP-samenwerkingsregeling.

Wintervoedselakker voor vogels

Het proefveld bevindt zich op het perceel van WAM Pennings, het bedrijf dat Allan Visser runt met zijn oom Simon Pennings. Het proefveld van 1 ha heeft vier teeltvakken van ieder acht bedden. De vakken zijn gescheiden door bloemenstroken. Een laatste stuk in de vorm van een pizzapunt doet dienst als wintervoedselakker voor vogels. In de vakken groeien tulpen, narcissen, hyacinten en dahlia. WAM Pennings levert de tulpen, JUB Holland is betrokken voor de narcissen,  Mts Zeestraten voor hyacint en Weijers Blooming Dalhlia  voor Dahlia. Wolf Mooij en Henk Verdegaal coördineren alle werkzaamheden op het veld. De telers worden bijgestaan door twee teeltadviseurs van Agrifirm en Delphy en Anne Marie van Dam voor het bodemadvies.

Alternatief voor kunstmest

Drie tot vier keer per jaar komt de groep bij elkaar. Ze bepalen dan onder andere welke rassen worden gezet en de strategie om bijvoorbeeld vuur te bestrijden. Ook beslissen ze dan of dezelfde partijen worden doorgeteeld of dat er andere cultivars worden geplant. “De vraagstukken die we onderzoeken zijn voor de adviseurs ook een mooie uitdaging”, zegt Allan Visser. “Biologische teelt maakt geen gebruik van kunstmest, en het is best lastig om met organische meststoffen zoals Monterra of met luzernekorrels de stikstofvoorziening goed te krijgen. Maar er zijn meer vragen. Bijvoorbeeld wat we kunnen doen tegen virus of vuur. Chemisch hebben we hier wel oplossingen voor, biologisch nog niet.”

SKAL gecertificeerd

Op het proefveld worden zoveel mogelijk resistente rassen gebruikt. Inmiddels gaat het ecologisch proefveld het derde jaar in. Het veld is SKAL gecertificeerd. Dat betekent dat de bollen die nu worden geplant officieel het bio keurmerk mogen dragen. Hoewel de resultaten in de teelt wisselend zijn, heeft Allan Visser wel ervaren dat de opbrengst een stuk lager is dan in de gangbare teelt. “Maar het is ons niet te doen om de winst. De afgelopen jaren bezochten veel collega’s, maar ook stakeholders zoals de Gedeputeerde van provincie Zuid-Holland, het proefveld. Het is goed om de opgedane kennis over schone en natuurinclusieve teelt te delen.”

Veel belangstelling voor erfvergroening en biodiversiteit 

Tijdens een drukbezochte bijeenkomst op 13 oktober bij De Willemshoeve inspireerden bevlogen sprekers de aanwezige kwekers hoe heggen, hagen, bomen en wadi’s kunnen bijdragen aan biodiversiteit, waterbeheer en een aantrekkelijk landschap. De bijeenkomst werd georganiseerd door ANLV Geestgrond, in samenwerking met Regiocertificering.

Biodiversiteit zichtbaar maken

Namens Regiocertificering lichtte Sanne Bruns de ontwikkeling van de kritische prestatie-indicator (KPI) Natuur & Landschap toe. Deze KPI moet biodiversiteitsmaatregelen op bedrijven en erven in de toekomst beter zichtbaar maken en stimuleren.

Cathelijne Montens legde uit welke mogelijkheden en keuzes er zijn om het erf te vergroenen. Cathelijne helpt kwekers met groener maken van het erf. Zij hielp ook JUB Holland. Wil je weten hoe dit er uitziet, kijk dan de praktijkfilm over erfvergroening bij JUB Holland.

Kleine stapjes maken al verschil

Vervolgens nam hyacintenteler Klaas Hogervorst aan de hand van een uitgebreide presentatie met veel foto’s het publiek mee in de maatregelen, die hij had genomen om zijn erf te vergroenen: van aanleg tot het resultaat na 2 jaar. De boodschap van de avond was ‘begin klein, maar begin’, aldus Sandra Warmerdam, secretaris van ANLV Geestgrond. Met kleine stapjes maak je al verschil. Volgens Klaas is het daarnaast gewoon leuk, om te zien hoeveel insecten, vogels en amfibieën erfvergroening aantrekt.

Ga aan de slag

Om kwekers te stimuleren zelf aan de slag te gaan met erfvergroening organiseert ANLV werkgroepjes om samen met andere kwekers aan de slag te gaan. Wil je meer weten over dit samenwerkingsinitiatief stuur dan een mail aan info@anlvgeestgrond.nl

Arie Verschoor: ‘Ga het gesprek aan en zoek de verbinding’

De aanleiding was de behoefte aan meer uitleg over de teelt en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Inmiddels weten de kwekers, de ondernemersvereniging en de wijkraad elkaar te vinden en is er een manier ontstaan om vragen en zorgen met elkaar te bespreken.

Eén aanspreekpunt helpt

Het contact kwam op gang naar aanleiding van kritische vragen en zorgen. Via de wijkraad en de voorzitter van de ondernemersvereniging ontstond een manier om hierover met elkaar in gesprek te gaan. “Die aanpak werkt prettig”, vertelt Arie. “Door als kwekers het gesprek te voeren met deze partijen, voorkom je ‘hullie tegen zullie’.” Ook de KAVB wordt waar nodig bij de gesprekken betrokken. Zo kunnen vragen vanuit de omgeving worden besproken en kan er inhoudelijk uitleg worden gegeven over de praktijk van het kweken. “De KAVB kan hierbij echt de stem van de sector laten horen.”

Openheid als uitgangspunt

Voor Arie is het belangrijk om zo open mogelijk informatie te delen, zij het op hoofdlijnen. “Soms wordt er om zulke specifieke informatie gevraagd dat ik die niet kan en wil geven.” Omwonenden hebben vragen en willen begrijpen wat er op en rond de kwekerij gebeurt. Door daarover in gesprek te gaan, ontstaat meer ruimte om elkaars perspectief te begrijpen.

Een concreet voorbeeld is de geur die bij bespuitingen kan vrijkomen. Arie en zijn medewerkers gebruiken bijvoorbeeld biostimulanten, bladversterkers en biologische gewasbeschermingsmiddelen, waaronder middelen op basis van knoflookextracten. Deze middelen kunnen bij bespuitingen een sterke geur verspreiden. Dat leidde onder meer tot vragen en zorgen bij omwonenden.

Een sterke geur zegt op zichzelf niet of een middel schadelijk is of welk gezondheidsrisico het gebruik ervan met zich meebrengt. Juist daarom vindt Arie het belangrijk om uitleg te geven over wat er op het bedrijf gebeurt. “Door informatie te delen en vragen serieus te nemen, kunnen kweker en omwonenden elkaar beter begrijpen. Dat neemt niet automatisch alle zorgen weg, maar helpt wel om het gesprek open te houden.”

Vertrouwen groeit met de tijd

In de afgelopen twee jaar is de relatie met de omgeving volgens Arie verbeterd en is er meer vertrouwen ontstaan. De gesprekken hebben een vaste vorm gekregen en bieden ruimte om vragen te bespreken en samen verder te kijken.

Wat wil Arie andere kwekers meegeven die kritische vragen uit hun omgeving krijgen?

“Ga het gesprek aan en sta open voor de vragen en zorgen die er leven. Probeer niet tegenover elkaar te staan, maar zoek de verbinding, bij voorkeur via een organisaties. Door open te zijn en informatie te delen, leer je elkaar beter begrijpen. Dat kost tijd, maar je kunt er veel vertrouwen mee opbouwen.”