Hoe zout is het water op jouw bedrijf? Meet mee! 

Tijdens verschillende bijeenkomsten, waaronder een bijeenkomst op 27 oktober van KAVB en LTO met Rijnland, Deltares en de Provincie, werd duidelijk: er is meer kennis nodig over verzilting en de gevolgen voor de teelt.

De Greenport pakt dit op samen met de genoemde partijen, Salta, de Alliantie Bollenstreek en de gemeenten. We zoeken kwekers die willen meedoen aan het meten van zoutgehaltes in slootwater en verschillende bodemlagen. Heb je zelf al metingen gedaan? Dan horen we ook graag van je.

Tegelijk onderzoeken Rijnland en de Provincie de bodemgesteldheid. We brengen de meet- en onderzoeksresultaten bij elkaar en bespreken deze met de deelnemers. Zo krijgen we beter zicht op lokale ontwikkelingen en teeltrisico’s en kunnen we onderzoeken welke maatregelen waar en wanneer passen.

Er wordt veel gepraat over verzilting. Nu gaan we samen aan de slag: feiten verzamelen. Doe je mee?

Neem contact op met Bas Bruning, praktijkcoach Salta voor de Duin- en Bollenstreek, via bas@salta-cluster.com. De pilot is onderdeel van het project Zoetwaterstrategie, dat samen met partners in de sierteeltregio, wordt uitgevoerd in het kader van de Regiodeal Sierteelt.

‘Ontdekken wat we kunnen leren van biologische bollenteelt’

Vervolgens kwam Visser in contact met Wolf Mooij, de huidige projectleider van het proefveld. Visser: “Voor mij is het lastig om naast mijn andere werkzaamheden, voldoende aandacht te geven aan het biologisch proefveld. Wolf had wel tijd, maar geen verstand van bollen telen. Wat dat betreft kan hij altijd een beroep doen op mij en de andere vier telers die bij het project betrokken zijn.”

Biologische plantversterkers

Visser was benieuwd naar de mogelijkheden van biologische bollenteelt. Niet om daarna op grote schaal biologische bloembollen te telen, wel om te leren of er manieren zijn om de gangbare teelt de verduurzamen. Sommige dingen gaan goed. Maar wat het ene jaar goed gaat, kan het andere jaar voor problemen zorgen. Zo werden in het eerste jaar biologische plantversterkers ingezet om zuur te bestrijden. “Dat werkte best goed, zonder dat we hoefden te schuimen of dopen. Dit jaar werkte dat weer minder.”

Onkruid grootste uitdaging

Het komende jaar wordt gewerkt aan drie doelen. Onkruid mechanisch onder de knie krijgen. De beste mix van plantversterkers bepalen om vuur onder controle te krijgen en onderzoeken of een UV lamp schimmels zoals botrytis kan bestrijden.
Onkruid is de grootste uitdaging in de biologische teelt. Handmatig wieden kost te veel tijd. “Ploegen is slecht voor het bodemleven. Het eerste jaar hadden we voor de start geploegd en vervolgens een laag houtvezel aangebracht. Dat werkte goed. Het tweede jaar niet ploegen, leverde alweer meer onkruid. We gaan nu aan de slag met wiedeg`, zegt Visser.” Het perceel is voorzien van vaste rijpaden, dat heeft een gunstige invloed op het bodemleven.

Kennisplatform Duurzame Bollenstreek

Economische haalbaarheid is belangrijk in het project. “De teelt zelf wordt niet gesubsidieerd. Bij de inzet van middelen kijken we of het rendabel is. Biologisch telen is geen doel op zich”, zegt Visser. Het doel is om er met elkaar van te leren een schonere en natuurinclusievere teelt te ontwikkelen. Dat is de reden dat het Ecologisch Proefveld ondersteund wordt vanuit het project Kennisplatform Duurzame Bollenteelt. Het kennisplatform ontvangt steun vanuit de Europese EIP-samenwerkingsregeling.

Wintervoedselakker voor vogels

Het proefveld bevindt zich op het perceel van WAM Pennings, het bedrijf dat Allan Visser runt met zijn oom Simon Pennings. Het proefveld van 1 ha heeft vier teeltvakken van ieder acht bedden. De vakken zijn gescheiden door bloemenstroken. Een laatste stuk in de vorm van een pizzapunt doet dienst als wintervoedselakker voor vogels. In de vakken groeien tulpen, narcissen, hyacinten en dahlia. WAM Pennings levert de tulpen, JUB Holland is betrokken voor de narcissen,  Mts Zeestraten voor hyacint en Weijers Blooming Dalhlia  voor Dahlia. Wolf Mooij en Henk Verdegaal coördineren alle werkzaamheden op het veld. De telers worden bijgestaan door twee teeltadviseurs van Agrifirm en Delphy en Anne Marie van Dam voor het bodemadvies.

Alternatief voor kunstmest

Drie tot vier keer per jaar komt de groep bij elkaar. Ze bepalen dan onder andere welke rassen worden gezet en de strategie om bijvoorbeeld vuur te bestrijden. Ook beslissen ze dan of dezelfde partijen worden doorgeteeld of dat er andere cultivars worden geplant. “De vraagstukken die we onderzoeken zijn voor de adviseurs ook een mooie uitdaging”, zegt Allan Visser. “Biologische teelt maakt geen gebruik van kunstmest, en het is best lastig om met organische meststoffen zoals Monterra of met luzernekorrels de stikstofvoorziening goed te krijgen. Maar er zijn meer vragen. Bijvoorbeeld wat we kunnen doen tegen virus of vuur. Chemisch hebben we hier wel oplossingen voor, biologisch nog niet.”

SKAL gecertificeerd

Op het proefveld worden zoveel mogelijk resistente rassen gebruikt. Inmiddels gaat het ecologisch proefveld het derde jaar in. Het veld is SKAL gecertificeerd. Dat betekent dat de bollen die nu worden geplant officieel het bio keurmerk mogen dragen. Hoewel de resultaten in de teelt wisselend zijn, heeft Allan Visser wel ervaren dat de opbrengst een stuk lager is dan in de gangbare teelt. “Maar het is ons niet te doen om de winst. De afgelopen jaren bezochten veel collega’s, maar ook stakeholders zoals de Gedeputeerde van provincie Zuid-Holland, het proefveld. Het is goed om de opgedane kennis over schone en natuurinclusieve teelt te delen.”

Vijftien jaar Tuinbouw Battle levert honderden ondernemers in de dop

Greenport Duin- en Bollenstreek organiseert elk jaar drie rondes voor vijf scholen per ronde. 15 in totaal dus. Zo groeiden de afgelopen vijftien jaar tientallen kinderen mee met de tulpenbollen in hun klas. Een tulp kweken in de klas. Dat klinkt eenvoudig, maar tijdens de Tuinbouw Battle ontdekken leerlingen uit groep 7 en 8 dat er heel wat komt kijken bij het telen én verkopen van bloemen. Iedere klas krijgt een teeltkar met 400 tulpenbollen. De leerlingen verzorgen de bollen en volgen het groeiproces, totdat na ongeveer drie weken de tulpen bloeien.
Vervolgens kunnen ze als kleine ondernemers bedenken hoe ze hun tulpen willen verkopen (of weggeven). Ze maken reclame, bepalen de verkoopprijs en verzorgen de logistiek. De opbrengst is voor een gezamenlijk doel of een goed doel.

Eva van der Kwast – eventmanager Greenport Duin- en Bollenstreek – is elk jaar weer verrast over de nieuwsgierigheid van de kinderen. “Het mooiste is dat kinderen steeds meer ‘aan gaan’ naarmate de bollen groeien. Of zoals een juf van basisschool Opmaat (winaar 2026) het verwoordde: De kinderen groeien letterlijk met de bollen mee.”

Wij gedenken Gerard Rotteveel

Voor een project als de Tuinbouw Battle is de inzet van vrijwilligers van onschatbare waarde. Op dinsdag 11 augustus jl. is onze vrijwilliger Gerard Rotteveel na een kort ziekbed overleden. “Het wegvallen van Gerard Rotteveel laat een grote leegte achter binnen het team. Wij herinneren hem als een enthousiast en betrokken mens.” Jarenlang zette Gerard Rotteveel zich samen met Louis Oostdam, Bart Verhaar en Nico van de Poel in om van de battle een succes te maken.

Wat betekent verzilting voor de bollenteelt?

Een stevige uitspraak, die begrijpelijkerwijs veel reacties oproept, maar ook nuance en nader onderzoek behoeft. Tegelijkertijd is de onderliggende boodschap niet nieuw en duidelijk: Door zeespiegelstijging en afnemende rivieraanvoer is voldoende zoet water van de juiste kwaliteit in de toekomst namelijk niet vanzelfsprekend.
En bloembollen zijn gevoelig voor hogere zoutgehalten. Dit kan gevolgen hebben voor de bodemkwaliteit, gewasopbrengsten en uiteindelijk voor de economische toekomst van bedrijven.

Maar hoe groot en hoe urgent is het probleem precies? Welke delen van de Duin- en Bollenstreek zijn het meest kwetsbaar? Wanneer worden kritische grenzen bereikt en welke maatregelen zijn technisch én economisch haalbaar? Op deze vragen bestaat nog geen eenduidig, gebiedspecifiek antwoord.

Komende winter zoutgehaltes in water en bodem meten

Het project Zoetwaterstrategie, onderdeel van de Regio Deal Sierteeltregio, wil de algemene waarschuwingen vertalen naar concrete cijfers voor de Duin- en Bollenstreek. Dit gebeurt door vanaf de komende winter zoutgehaltes in water en bodem te meten samen met kwekers en het Hoogheemraadschap van Rijnland.
Met toekomstscenario’s voor 2035, 2050 en 2100 wordt zichtbaar waar en wanneer knelpunten kunnen ontstaan. Hierbij wordt dankbaar gebruik gemaakt van de resultaten van het project ‘Waterkalenders’ dat wordt uitgevoerd door Deltares in opdracht van de provincie Zuid-Holland. Hiervoor zijn ook de nodige bijeenkomsten in de Bollenstreek zijn geweest en gepland.

Eind 2027 actieprogramma met concrete maatregelen

De Zoetwaterstrategie blijft niet bij onderzoek. Samen met kwekers wordt bekeken welke maatregelen op bedrijfsniveau mogelijk zijn. Denk aan slimmer watergebruik, wateropslag, aanpassing van drainage en het benutten van alternatieve zoetwaterbronnen. Ook wordt onderzocht welke collectieve maatregelen op gebiedsniveau nodig en haalbaar zijn. Het project mondt eind 2027 uit in een actieprogramma met concrete maatregelen voor en door betrokken partijen en aanbevelingen voor passend beleid en mogelijke subsidie- en stimuleringsinstrumenten.

Zo krijgen ondernemers betere informatie voor investeringsbeslissingen. Overheden en het waterschap krijgen een feitelijke basis voor beleid, gebiedsinrichting en mogelijke subsidie- en stimuleringsregelingen. Voor financiers, kennisinstellingen en andere betrokken partijen wordt duidelijk waar samenwerking en innovatie noodzakelijk zijn.

Behalve een zoetwaterstrategie wordt in het project ook een integraal waterplan opgesteld waarin ook waterkwaliteit en waterveiligheid een plek hebben. In het project wordt samengewerkt door de Greenport, KAVB, LTO, provincie-Zuid-Holland, gemeenten, het Hoogheemraadschap van Rijnland en Salta. Er wordt gekeken naar koppeling met het project Regiocertificering.

Bepalen wat we samen kunnen doen

De waarschuwing van de Deltacommissaris onderstreept dat afwachten geen optie is. De inzet van de Zoetwaterstrategie is daarom helder: niet alleen laten zien wat er op de sector afkomt, maar vooral bepalen wat we samen kunnen doen om ook in de toekomst een sterke en productieve bollensector in de Duin- en Bollenstreek te behouden.

Studenten onderzoeken vragen rond houtvezel

De studenten storten zich de komende maanden op onderzoeksvragen rond houtvezel. Anne Marie van Dam, kennismakelaar bij de Greenport, begeleidt de studenten.
Houtvezel wordt experimenteel in de bollenteelt gebruikt als afdeklaag tegen onkruid en als aanvulling op de organische stofvoorziening, nagenoeg zonder aanvoer van fosfaat.

Anne Marie van Dam: “Het is niet goed bekend hoe snel houtvezel in de bodem afbreekt en ook niet en of het bodemleven erdoor verandert en zich aanpast aan een andere soort organische stof. Met hulp van studenten Flore, Byörn en hun docenten kan een stukje van die puzzel opgelost worden. Voor de studenten is het een uitdagende beroepsopdracht aan het eind van hun studie. Zo leren we van elkaar.”

Bij de introductiedag maakten de bezoekers van HAS green academy kennis met de bollenteelt. Wolf Mooij leidde hen rond op het Ecologisch Proefveld Bollenstreek. Teler Allan Visser liet zien hoe de bollenteelt en verwerking in de praktijk gaat. Anne Marie van Dam introduceerde de fosfaatpilot en het Demoveld Bollenstreek. Het onderzoek is onderdeel van het project Kennisplatform Duurzame Bollenstreek en loopt tot februari 2027.

Evi Willems van de HAS green acacemy, maakt een leuk videoverslag.

Meer informatie: Anne Marie van Dam