Vijftien jaar Tuinbouw Battle levert honderden ondernemers in de dop

Greenport Duin- en Bollenstreek organiseert elk jaar drie rondes voor vijf scholen per ronde. 15 in totaal dus. Zo groeiden de afgelopen vijftien jaar tientallen kinderen mee met de tulpenbollen in hun klas. Een tulp kweken in de klas. Dat klinkt eenvoudig, maar tijdens de Tuinbouw Battle ontdekken leerlingen uit groep 7 en 8 dat er heel wat komt kijken bij het telen én verkopen van bloemen. Iedere klas krijgt een teeltkar met 400 tulpenbollen. De leerlingen verzorgen de bollen en volgen het groeiproces, totdat na ongeveer drie weken de tulpen bloeien.
Vervolgens kunnen ze als kleine ondernemers bedenken hoe ze hun tulpen willen verkopen (of weggeven). Ze maken reclame, bepalen de verkoopprijs en verzorgen de logistiek. De opbrengst is voor een gezamenlijk doel of een goed doel.

Eva van der Kwast – eventmanager Greenport Duin- en Bollenstreek – is elk jaar weer verrast over de nieuwsgierigheid van de kinderen. “Het mooiste is dat kinderen steeds meer ‘aan gaan’ naarmate de bollen groeien. Of zoals een juf van basisschool Opmaat (winaar 2026) het verwoordde: De kinderen groeien letterlijk met de bollen mee.”

Wij gedenken Gerard Rotteveel

Voor een project als de Tuinbouw Battle is de inzet van vrijwilligers van onschatbare waarde. Op dinsdag 11 augustus jl. is onze vrijwilliger Gerard Rotteveel na een kort ziekbed overleden. “Het wegvallen van Gerard Rotteveel laat een grote leegte achter binnen het team. Wij herinneren hem als een enthousiast en betrokken mens.” Jarenlang zette Gerard Rotteveel zich samen met Louis Oostdam, Bart Verhaar en Nico van de Poel in om van de battle een succes te maken.

Wat betekent verzilting voor de bollenteelt?

Een stevige uitspraak, die begrijpelijkerwijs veel reacties oproept, maar ook nuance en nader onderzoek behoeft. Tegelijkertijd is de onderliggende boodschap niet nieuw en duidelijk: Door zeespiegelstijging en afnemende rivieraanvoer is voldoende zoet water van de juiste kwaliteit in de toekomst namelijk niet vanzelfsprekend.
En bloembollen zijn gevoelig voor hogere zoutgehalten. Dit kan gevolgen hebben voor de bodemkwaliteit, gewasopbrengsten en uiteindelijk voor de economische toekomst van bedrijven.

Maar hoe groot en hoe urgent is het probleem precies? Welke delen van de Duin- en Bollenstreek zijn het meest kwetsbaar? Wanneer worden kritische grenzen bereikt en welke maatregelen zijn technisch én economisch haalbaar? Op deze vragen bestaat nog geen eenduidig, gebiedspecifiek antwoord.

Komende winter zoutgehaltes in water en bodem meten

Het project Zoetwaterstrategie, onderdeel van de Regio Deal Sierteeltregio, wil de algemene waarschuwingen vertalen naar concrete cijfers voor de Duin- en Bollenstreek. Dit gebeurt door vanaf de komende winter zoutgehaltes in water en bodem te meten samen met kwekers en het Hoogheemraadschap van Rijnland.
Met toekomstscenario’s voor 2035, 2050 en 2100 wordt zichtbaar waar en wanneer knelpunten kunnen ontstaan. Hierbij wordt dankbaar gebruik gemaakt van de resultaten van het project ‘Waterkalenders’ dat wordt uitgevoerd door Deltares in opdracht van de provincie Zuid-Holland. Hiervoor zijn ook de nodige bijeenkomsten in de Bollenstreek zijn geweest en gepland.

Eind 2027 actieprogramma met concrete maatregelen

De Zoetwaterstrategie blijft niet bij onderzoek. Samen met kwekers wordt bekeken welke maatregelen op bedrijfsniveau mogelijk zijn. Denk aan slimmer watergebruik, wateropslag, aanpassing van drainage en het benutten van alternatieve zoetwaterbronnen. Ook wordt onderzocht welke collectieve maatregelen op gebiedsniveau nodig en haalbaar zijn. Het project mondt eind 2027 uit in een actieprogramma met concrete maatregelen voor en door betrokken partijen en aanbevelingen voor passend beleid en mogelijke subsidie- en stimuleringsinstrumenten.

Zo krijgen ondernemers betere informatie voor investeringsbeslissingen. Overheden en het waterschap krijgen een feitelijke basis voor beleid, gebiedsinrichting en mogelijke subsidie- en stimuleringsregelingen. Voor financiers, kennisinstellingen en andere betrokken partijen wordt duidelijk waar samenwerking en innovatie noodzakelijk zijn.

Behalve een zoetwaterstrategie wordt in het project ook een integraal waterplan opgesteld waarin ook waterkwaliteit en waterveiligheid een plek hebben. In het project wordt samengewerkt door de Greenport, KAVB, LTO, provincie-Zuid-Holland, gemeenten, het Hoogheemraadschap van Rijnland en Salta. Er wordt gekeken naar koppeling met het project Regiocertificering.

Bepalen wat we samen kunnen doen

De waarschuwing van de Deltacommissaris onderstreept dat afwachten geen optie is. De inzet van de Zoetwaterstrategie is daarom helder: niet alleen laten zien wat er op de sector afkomt, maar vooral bepalen wat we samen kunnen doen om ook in de toekomst een sterke en productieve bollensector in de Duin- en Bollenstreek te behouden.

Rijksbegroting 2027: Miljoenen voor agrarisch natuurbeheer en verduurzaming

De nadruk ligt op vijf samenhangende opgaven: stikstofreductie en natuurherstel, uitbreiding van het agrarisch natuurbeheer, verduurzaming van de landbouw, verbetering van waterkwaliteit en een sterkere koppeling van natuur aan klimaat-, landbouw- en ruimtelijke opgaven.

Nieuwe openstelling experimenteerlocaties

Bijna € 500 miljoen extra voor agrarisch natuurbeheer voor de komende 4 jaar. Het totale budget groeit naar ruim € 1,4 miljard. Toch lijkt het minder dan verwacht. Bijna € 50 miljoen is gereserveerd voor innovatie en praktijkgerichte experimenten. Hieronder valt ook een nieuwe openstelling van de regeling experimenteerlocaties. 
Helaas was het voor Greenport Duin- en Bollenstreek niet mogelijk in 2026 een aanvraag in te dienen, vanwege postcode-uitsluitingen. Medio 2027 zal de regeling naar verwachting opnieuw worden opengesteld en dienen we een nieuwe aanvraag in.

Verbreding pakket gewasbeschermingsmiddelen

Voor boeren die hun bedrijfsvoering willen verduurzamen is € 231 miljoen beschikbaar voor aanpassingen. Er wordt € 30,5 miljoen uitgetrokken voor extra stimulering van biologische landbouw en afzet van biologische producten en € 34,2 miljoen voor verbreding van het pakket gewasbeschermingsmiddelen, gericht op verduurzaming. Daarnaast wordt € 90 miljoen benoemd voor het convenant gewasbeschermingsmiddelen. 

Verschuiving naar integrale aanpak

Voor biodiversiteit zijn met name drie ontwikkelingen relevant. Ten eerste de aanzienlijke middelen die beschikbaar worden gesteld voor natuurherstel, stikstofreductie en gebiedsontwikkeling. Ten tweede de forse uitbreiding van het agrarisch natuurbeheer en als derde de verschuiving naar een meer integrale aanpak, waarin natuur, landbouw, water en klimaat nadrukkelijk in samenhang worden benaderd.  
Deze ontwikkeling sluit goed aan bij de richting van het Ontwerp-Natuurplan. De nadruk verschuift daarin van afzonderlijke maatregelen naar gebiedsgerichte aanpakken waarin meerdere doelen tegelijk worden gerealiseerd. Voor de komende jaren lijken de grootste kansen te liggen in het verbinden van agrarisch natuurbeheer, natuurherstel, waterbeheer en klimaatmaatregelen in dezelfde gebieden, bijvoorbeeld in beekdalen, veenweidegebieden, overgangszones rond Natura 2000-gebieden en andere prioritaire gebieden voor natuurherstel.

Studenten onderzoeken vragen rond houtvezel

De studenten storten zich de komende maanden op onderzoeksvragen rond houtvezel. Anne Marie van Dam, kennismakelaar bij de Greenport, begeleidt de studenten.
Houtvezel wordt experimenteel in de bollenteelt gebruikt als afdeklaag tegen onkruid en als aanvulling op de organische stofvoorziening, nagenoeg zonder aanvoer van fosfaat.

Anne Marie van Dam: “Het is niet goed bekend hoe snel houtvezel in de bodem afbreekt en ook niet en of het bodemleven erdoor verandert en zich aanpast aan een andere soort organische stof. Met hulp van studenten Flore, Byörn en hun docenten kan een stukje van die puzzel opgelost worden. Voor de studenten is het een uitdagende beroepsopdracht aan het eind van hun studie. Zo leren we van elkaar.”

Bij de introductiedag maakten de bezoekers van HAS green academy kennis met de bollenteelt. Wolf Mooij leidde hen rond op het Ecologisch Proefveld Bollenstreek. Teler Allan Visser liet zien hoe de bollenteelt en verwerking in de praktijk gaat. Anne Marie van Dam introduceerde de fosfaatpilot en het Demoveld Bollenstreek. Het onderzoek is onderdeel van het project Kennisplatform Duurzame Bollenstreek en loopt tot februari 2027.

Evi Willems van de HAS green acacemy, maakt een leuk videoverslag.

Meer informatie: Anne Marie van Dam

Drie Greenports ontdekken elkaars kracht tijdens inspirerend werkbezoek

Op 7 september kwamen de voorzitters en programmamanagers van Greenport bij elkaar voor een inspirerend werkbezoek.

Het doel: elkaar én elkaars regio beter leren kennen, kennis en ervaringen uitwisselen en samen verkennen waar kansen liggen voor verdere samenwerking. De excursie begon bij Vireo in De Kwakel. Vooral de indrukwekkende stekrobots trokken de aandacht. Vervolgens ging de route naar Boskoop voor bezoeken aan vollegrondskwekerij van Boot en Dart, die veelal aan overheden levert. Vervolgens naar Van Lint waar een ondergrondse waterberging wordt gerealiseerd en naar Vurens, die bijzondere ‘kraggen en drijftillen’ levert die bijdragen aan biodiversiteit.

Jong en gedreven ondernemers

De middag stond in het teken van innovatie, ondernemerschap, water en natuur. De drie Greenports staan deels voor dezelfde uitdagingen op het gebied van verduurzaming, internationale werknemers, energie, het verbeteren van de waterkwaliteit en het verhogen van de biodiveristeit. Tegelijkertijd hebben zij hun eigen projecten, kennis en praktijkervaring. “Het is goed om ervaringen uit te wisselen, kennis te delen en zo elkaar te versterken. Deze middag waar we van elkaar konden leren en de kans kregen om te kijken bij jonge en gedreven ondernemers, maakte het een waardevolle dag”, aldus Dick Hylkema, voorzitter Greenport Duin- en Bollenstreek 

De drie Greenports willen deze kennisuitwisseling verder uitbouwen. Het werkbezoek krijgt een vervolg in de Duin- en Bollenstreek.De ontmoeting vond plaats in het kader van de Regio Deal Sierteeltregio, waarin de drie Greenports nauw samenwerken aan een sterke, duurzame en toekomstbestendige sierteelt.

Radio-1 reportage: Bollensector redden van zeewater

Dit zorgde voor commotie. Eens in de zes jaar bepaalt Nederland of de huidige watermaatregelen volstaan. Dit is de opdracht van Verdaas als deltacommissaris. Zijn conclusie:  Nederland moet veel meer doen om droog te blijven en voldoende zoet water te houden. Hij sprak over ingrijpende veranderingen voor bewoners van de Nederlandse Delta, inclusief bollenboeren en andere landbouwers. Verdaas stelde dat klimaatverandering sneller verloopt dan gedacht. Actie is vereist.

De bollensector is zich daarvan bewust. Radio-1 programma ‘Dit is de Dag’ wijdde een item aan het onderwerp met als titel: Kunnen we de bollensector redden van het zoute zeewater’. Presentator Jan-Willem Wesselink sprak met zoetwater-expert Marjolein Mens van kennisinstituut Deltares, Maarten Prins programmamanager bij Greenport in de Duin- en Bollenstreek en bollenteler Simon Pennings. 

Steeds weer aangepast

Marjolein Mens: “Metingen wijzen uit dat zout water de komende jaren door drukverschillen steeds verder door de kleilaag omhoog zal komen.” Simon Pennings sprak zijn trots uit op de bollensector. “Door de jaren heen hebben we ons steeds weten aan te passen aan nieuwe situaties. We laten ons nu als sector niet zomaar afschrijven.” Investeren in buffering en voorkomen dat veel zoet water naar de zee stroomt, biedt volgens hem mogelijkheden.

Als toekomstpad werden drie mogelijkheden geschetst: faciliteren, accommoderen en transformeren. Faciliteren is de huidige situatie. Maarten Prins sprak over mogelijkheden om te accommoderen zoals teelt uit de grond of rassen die beter bestand zijn tegen zouter water. Bij transformeren zou je kunnen denken aan compleet andere teelten op bepaalde plaatsen.

“Het gaat er nu om de mogelijkheden te onderzoeken. Hiervoor loopt een aantal projecten van het bedrijfsleven samen met het Hoogheemraadschap en Provincie. Zuid-Holland.” 

Zoals het onderzoek naar vatbaarheid van gewassen voor zout en het project met Salta, KAVB en LTO waarbij we monitoren waar verzilting optreedt. Een volgende stap is het maken van een waterplan.